| contact  |  home

Projectenboek
   
Verkenning CID Binckhorst
Geactualiseerd op 30 april 2019

Het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT) bestaat uit fysiek ruimtelijke rijksprojecten en -programma’s die opgenomen zijn in de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (Min. I&W) in het Infrastructuurfond



Programmastructuur
Portefeuillehouder Wethouder Van Eekelen  Programma Verkeer en Vervoer
Interne opdrachtgever Jeroen van de Ven Initiatiefnemer I&W, BZK, PZH, MRDH en de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg
Accounthouder Don de Greef    
Programmakarakteristiek
Planfase Verkenning Ruimtelijke procedure N.v.t.
Einddatum N.v.t. Risicoprofiel Midden, afhankelijk van fase.
Besluitvorming
Laatste raads- / commissie-behandeling N.v.t. Volgende raads- / commissie-behandeling N.t.b.
Intentieovereenkomst N.v.t.
Anterieure overeenkomst N.v.t.




Gemeentelijke rol

De gemeentelijke rol in het Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT) is doorgaans beperkt. Wel is Leidschendam-Voorburg via de Vervoersautoriteit van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag ‘getrapt’ vertegenwoordigd bij het jaarlijkse Bestuurlijke Overleg MIRT met de Ministers van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) en Binnenlandse Zaken (BZK).

 Waar MIRT-projecten en -programma’s de belangen van onze gemeente direct raken zet Leidschendam-Voorbrug in op directe bestuurlijke en ambtelijke afstemming met de projectorganisaties van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.



Doelstelling en gewenst resultaat

Algemeen:

In het MIRT werken Rijk, decentrale overheden (provincies, gemeenten, vervoerregio’s, waterschappen), maatschappelijke organisaties en bedrijven samen om de concurrentiekracht, bereikbaarheid en leefbaarheid van Nederland duurzaam te ontwikkelen. De opgave van de MIRT-verkenning CID-Binckhorst is drieledig:

  1. Het mogelijk maken van de verstedelijking en het versterken van de economische kracht van de (inter)nationale toplocaties CID en Binckhorst, door in iedere ontwikkelfase een passende duurzame mobiliteit aan te bieden;

  2. Het bijdragen aan de bereikbaarheid van de Zuidelijke Randstad door het wegnemen van de NMCA OV-knelpunten Rijswijkseplein en Binckhorstlaan en het voorkomen van extra belasting van het hoofdwegennet door de verstedelijking van CID/Binckhorst;

  3. Het bijdragen aan regionale ambities rond OV en fiets.


Volgend uit de opgaven zijn vier adaptieve en samenhangende pakketten van mobiliteitsmaatregelen uitgewerkt: de alternatieven. Deze alternatieven onderscheiden zich van elkaar door de keuze voor een vorm van HOV (bus, tram, lightrail) en een eventuele regionale doorkoppeling. Alle alternatieven bevatten bovendien maatregelen voor de thema’s langzaam verkeer, slim ruimtegebruik, smart mobility, verhogen van OV-frequenties en het opschalen van de aanwezige treinstations. In goed overleg is hier het thema ‘logistiek’ aan toegevoegd. In de verkenning werken de partijen toe naar de keuze voor één voorkeursalternatief.

Betrokkenheid Leidschendam-Voorburg:

De doelstelling van de gemeente Leidschendam-Voorburg bij het MIRT is een goede bereikbare gemeente, met aandacht voor leefbaarheid en verkeersveiligheid.  Regionale en nationale verbindingen leveren daaraan een belangrijke bijdrage. Het gaat zowel om het versterken van bestaande als om de aanleg van nieuwe wegen, fietsinfrastructuur en railverbindingen. Naast concrete maatregelen, die de bereikbaarheid verbeteren streeft onze gemeente ernaar in een vroeg stadium bij studies en verkenningen te worden betrokken. In goed overleg kunnen we kansen en mogelijkheden tot synergie optimaal benutten en eventuele negatieve effecten beperken.


Stand van zaken
  • De Verkenning is in december 2018 gestart en loopt tot eind 2020: de gemeenten Den Haag en Leidschendam-Voorburg nemen hier samen met regio en Rijk aan deel;

  • Partijen dragen samen de kosten van de verkenning; Leidschendam-Voorburg betaalt 1/23 deel mee aan de kosten voor de Verkenning;

  • In november 2018 hebben Rijk en regio afgesproken om, vooruitlopend op het voorkeursalternatief, direct in te zetten op € 137 miljoen aan no-regret maatregelen voor de korte termijn aanpak (KTA). Een voorstel voor het no-regretpakket is uitgewerkt; het betreft een mix aan maatregelen op de zes thema’s, die ook terugkomen in de alternatieven.

  • Het besluit over het pakket no-regretmaatregelen en de verdeling van de kosten wordt in juni 2019 voorgelegd aan de Programmaraad; na een positief besluit wordt gestart met de voorbereiding en uitvoering van de maatregelen uit het no-regretpakket.


Planning
Mijlpalen Gepland Status Besluitvorming Raadsbesluit Toelichting
Informerende sessie voor raadsleden Den Haag en Leidschendam-Voorburg. 21 januari 2019N.v.t.N.v.t. 
Besluitvorming over meefinancieren Q2 2019RaadMedio 2019 
Extra toelichting, gericht op raadsleden Leidschendam-Voorburg Q3 2019N.v.t.N.v.t. 



Communicatie
Communicatie momenten Omgeving Raad Toelichting
Tweede stakeholdersevenement (Q3 2019)Genodigden – vooraanmeldingN.v.t. 



Risicomanagement

Het MIRT kent een formele procedure en het uitvoeren van de verkenning is een complex proces. Deze verkenning vereist nauwe afstemming tussen buurgemeenten, regio, provincie en Rijk. Alle partijen onderschrijven de verstedelijkingsopgave en alle partijen ambiëren een goede bereikbaarheid, mits de overlast van weg- en railverkeer op lokaal niveau binnen de perken blijft. Vanwege de grootschaligheid van MIRT-projecten zijn de gevolgen en effecten vaak omvangrijker dan die van lokale (gemeentelijke) maatregelen. Het balanceren tussen (regionale) bereikbaarheid en (lokale) leefbaarheid luistert nauw. Partijen werken daarom aan managementmaatregelen, die eventuele negatieve gevolgen voorkomen of effecten beperken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Click here to see your activities